Weer even terug in oude thuishaven

Redactie 24-09-2020
Foto: Nico OuwehandElbe en Seawolf gezusterlijk naast elkaar.

Het jacht Seawolf lag eind vorige week opnieuw in Maassluis afgemeerd. Het was ooit de thuishaven van dit schip toen het nog als sleepboot Clyde actief was. De voormalige sleper is het zusterschip van de Elbe.

Net als de Elbe heeft de Seawolf een fascinerende geschiedenis. Het schip werd als Clyde in 1957 gebouwd in Kinderdijk en werd ontworpen door twee Maassluise ingenieurs. Op papier was het met 4500 pk de sterkste sleepboot ter wereld. Met dat vermogen zouden ook booreilanden kunnen worden versleept. Vanwege de opkomende olie-industrie werd daar bij het ontwerp al rekening mee gehouden. Bij de overdracht van de Clyde werd trouwens onmiddellijk opdracht gegeven door L. Smit & Co's Internationale Sleepdienst voor een zusterschip. Dat werd in 1959 de Elbe, dat overigens voor dezelfde prijs gebouwd moest worden.

Duitse zeeman

Voor de Clyde was veel werk. Zoals het verslepen van complete vliegdekschepen naar sloperijen en van de eerste boorplatforms naar alle uithoeken van de wereld. In 1975 werd de Clyde omgedoopt in Smit Salvor en werd CuraƧao de nieuwe thuisbasis. Van daaruit zou het in de problemen gekomen schepen gaan assisteren. Dat bracht echter niet het gewenste resultaat en in 1977 werd het schip naar Griekenland verkocht, werd de romp wit geschilderd en kreeg het de naam Matsas Salvor. Een inventieve Duitse zeeman kocht de sleper vervolgens in 1990, gaf het de naam Seawolf en ging er klein bergingswerk mee uitvoeren in het Caribisch gebied. Tussen 1998 en 2003 werd het schip op een werf in Mallorca (met een Nederlander aan de leiding) verbouwd tot luxueus jacht. Sindsdien wordt het schip geregeld door gezelschappen gecharterd.

Vorige week zaterdag maakte het schip samen met de Elbe nog een klein rondje Noordzee om de middag erna koers te zetten naar Harlingen in Friesland voor onderhoud.